Vakantie, ijsjes en dure pleisters
Ik ben dus op vakantie geweest. GLI niet helemaal vergeten, maar ik heb haar, mijn leefstijlcoach, in gedachten op een plastic tuinstoel gezet. In de schaduw, met een flesje spa rood. Af en toe zwaaien. En verder: ijsjes, milkshakes, biertjes. Alles wat knipoogt naar je buik en zegt: “Kom maar… ik blijf voor altijd.”
En nu, terug thuis, opent mijn tijdlijn zich als een digitale folder van het internationaal instituut voor wonder en genezing. Overal advertenties: Val 12 kilo af in twee weken! Het enige wat ik hoef te doen is een soort mini-tegel op mijn bovenarm plakken. Kost bijna net zoveel als mijn vakantie, maar dan krijg ik er geen zonsondergang bij.
Ik hoor haar al, mijn coach. Ze leunt voorover, die blik van: “Ik ben er voor je, maar ik kan ook streng zijn.” En dan zegt ze: “Lieve schat… als dit zou werken, had ik mezelf allang helemaal volgepleisterd. Voor en achter. En misschien de hond ook.”
Maar ik blijf toch staren naar zo’n advertentie. Het meisje op de foto lacht alsof ze net van een berg van 12 kilo pure vetmassa is gerold. Twee weken geleden at ze waarschijnlijk nog donuts in bed, nu is ze nieuw. Ik herken dat gezicht. Dat is het gezicht dat ik ook trek als de snackbar zegt dat de milkshake ‘per ongeluk’ groot is geworden, maar ik niks extra hoef te betalen.
En het wordt nog mooier: in kleine letters staat er dat die pleisters óók je stofwisseling versnellen, je hongergevoel wegnemen en, en dit vind ik het mooiste, de lucht in huis zuiveren. Ik zie mezelf al, op een zondagmiddag, half slapend op de bank, met pleisters op mijn arm die ondertussen het fijnstof uit de woonkamer filteren. Misschien nog een die automatisch je parkeerboetes betaalt.
Maar goed. Ik doe het toch maar op de oude manier: wandelen, letten op wat ik eet, geen pleisters, hooguit eentje voor een blaar. En mijn coach blij maken met het enige wondermiddel dat écht werkt: langzaam, saai, en zonder glitterreclame.
